Zoeken naar een kasteel in Carn Fadryn, Llŷn, Wales

Weliswaar is Carn Fadryn met 371 m zeker niet een hoge berg, maar door zijn geïsoleerde ligging is hij vanaf alle hoeken van het Llŷn schiereiland duidelijk zichtbaar. Contributor Sierd Jan ging op reis.

De berg is een restant van vulkanische activiteit van zo’n 450 milioen jaar geleden. Door de vulkanische druk werden de bovenliggende rotslagen opgestuwd en vormden zo de ruggegraat van het huidige schiereiland. Deze loopt van Yr Eifl in het noordoosten tot Mynydd Rhiw aan de westkust. Door erosie zijn de zachtere gesteenten weggesleten, alleen de hardere delen bleven achter. Carn Fadryn raakte tijdens dit proces los van de andere delen van de bergrug. Niet helemaal, want naast de Carn Fadryn ligt nog Garn Bach, maar deze rots valt met zijn 282 m weg tegen de massa van Carn Fadryn.

“Two stone castles have been built there recently.The second, which is called Carn Madryn, belongs to the sons of Owain: it is on the Lleyn peninsula.” – Giraldus Cambrensis

Ook de mens heeft zijn sporen nagelaten op deze berg, met sporen van bronstijd begravingen, een goed bewaard ijzertijd heuvelfort en, heel intrigerend, de restanten van één van de eerste in steen gebouwde inheemse kastelen. Een bijzonder genoeg feit om de middeleeuwse schrijver Giraldus Cambrensis, oftewel Gerald van Wales,  ertoe te bewegen om dit te vermelden in zijn boek uit 1191, “De reis door Wales”, zoals hierboven geciteerd. Deze passage maakte mij nieuwsgierig en was reden genoeg om een wandeling naar de top van Carn Fadryn hoog op mijn lijst te zetten.

Carn Fadryn kaart en route

De ligging van Carn Fadryn en de directe omgeving. In het groen de gelopen route. De zwarte lijnen op de berg duiden het heuvelfort aan, de rode vlekken voormalige bewoning. Het kasteel bevind zicht naast de m .

Ter plekke.

Als wandeling is Carn Fadryn uitstekend geschikt als activiteit voor de hele familie. Kort maar krachtig. Er is redelijk hoogte te overwinnen, maar de beklimming is nergens echt steil, het doel is altijd duidelijk en de uitzichten, de bosbessen op de hellingen en de zichtbare restanten van de geschiedenis maken het makkelijk om ieders belangstelling vast te houden. Al met al hebben we hier een kleine drie uur doorgebracht. Carn Fadryn is ook de naam van het gehucht aan de voet van de berg en dit is een uitstekende plek om de wandeling te beginnen. Net ten westen buiten het dorpje bevind zich een voormalige Calvijns-Methodistische  kapel waar parkeermogelijkheden voor een paar auto’s beschikbaar zijn.

Carn Fadryn

Carn Fadryn, gezien vanaf het parkeerplaatsje.

De berg op.

Naast de kapel ligt een klein weggetje dat richting de berg loopt. Dit wordt een pad tussen twee rijen struiken en gaat dan snel de hoogte in. Na een hek aan het einde van het pad tussen de struiken kom je uit op een pad naar rechts,  langs de flank van Carn Fadryn en achter het gehucht langs.

Het pad omhoog, lekker beschut tussen de struiken.

Je merk dat je al aardig aan hoogte hebt gewonnen, een groot deel van het Llŷn schiereiland word van hieruit zichtbaar. Het pad blijft omhooglopen langs de flank van de berg en buigt langzaam naar links, richting het noordoosten. Al snel  kun je het kleine broertje van van Carn Fadryn, Garn Bach, in al zijn glorie zien liggen.

Garn Bach

Garn Bach, het kleine broertje van Garn Fadryn.

Ter hoogte van Garn Bach gaat het pad met een scherpe bocht naar links, richting het noorden de berg op, naar het heuvelfort. Dit is van oudsher de route naar boven, je loopt hier in de voetsporen van de oorspronkelijke bewoners van de berg, meer dan 2000 jaar geleden. Na een ietwat steile maar korte klim kom je uit voor de noordelijke poort van het heuvelfort. Even omdraaien levert een geweldig uitzicht op over het zuidoosten van het schiereiland, richting het havenstadje Abersoch. Van hieruit is het hoogste punt van Carn fadryn duidelijk zichtbaar, en er lopen diverse paden heen.

Het uitzicht vanaf de poort van het heuvelfort richting Abersoch in het zuidoosten.

Op zoek naar het kasteel

Al klauterend naar het hoogste punt komt al snel het driehoeksmeetpunt in zicht en daarmee ons doel. Hier bevind zich het door Gerald van Wales genoemde kasteel. Veel stellen de ruïnes niet voor, maar het besef dat je nu een belangrijk moment in de Welshe geschiedenis onder je voeten hebt maakt dat meer dan goed.  Het kasteel is feitelijk nauwelijks te onderscheiden van de restanten van het heuvelfort. En dit is ook niet verwonderlijk, aangezien het kasteel op dezelfde traditionele manier is geconstrueerd als het fort, met drooggestapelde stenen. Primitief maar effectief genoeg.

 

&nbdp;

Het hoogste punt. De gestapelde muur die vanaf dit punt schuin naar beneden loopt is een deel van de ringmuur van het kasteel. In de voorgrond nog meer restanten van het kasteel.

Als je weet waar je naar kijkt, kun je duidelijk zien hoe deze muren het hoogste punt afscheiden van de rest van het fort en zo een goed verdedigbare positie vormen, kenmerkend voor middeleeuwse kastelen. De positie van het kasteel bovenop de berg is zijn grootste kracht. Vanuit hier kun je je, even middeleeuwer wanende, uitstekend voorstellen dat de vesting een  groot gevoel van beschutting gaf. Als soldaat kon je de vijand al van verre zien aankomen. En als ze met veel moeite omhoog aan het ploeteren waren, kon je ze vanaf je veilige hoogte voortdurend bestoken.

Prinsen van Wales

Hoelang het kasteel heeft bestaan is niet duidelijk, maar waarschijnlijk niet lang. Het kasteel is gebouwd rond  1170 door Rhodri ap Owain , zoon van Owain Gwynedd, prins van Wales. Owain was alleenheerser in Noord Wales, maar na zijn dood in 1170 werd de opvolging betwist door zijn nog in leven zijnde zonen. De Welsh kenden namelijk niet het opvolgingsrecht van de oudste, maar verdeelden de erfenis onder de overgebleven zonen. Deze Welshe gewoonte leidde ertoe dat Wales zelden als geheel een vuist kon maken tegen de Engelsen, omdat het land voortdurend verdeeld was in onderlinge vetes over wie zich nu heerser mocht noemen. En als onderdeel van een van deze vetes is ook het kasteel hier gebouwd om dit gebied te beschermen tegen de andere troonpretendenten.

Maar zo nu en dan lukte het een krachtige leider om een groot deel van Wales aan zich te onderwerpen. Zo’n leider was Llywelyn de Grote, een kleinzoon van Owain via een broer van Rhodri, Iowert Ap Owain. Toen hij in 1200 alleenheerser wist te worden, zal de vesting op de afgelegen berg van Carn Fadryn snel aan betekenis hebben ingeboet en verlaten zijn.

Zicht op de vestingmuur van het heuvelfort en het schiereiland richting zuidwest.

Het heuvelfort op Carn Fadryn

Beter herkenbaar  dan het kasteel zijn de ruïnes van het heuvelfort. Gebouwd in het midden van de IJzertijd, rond 300 v.C., en twee honderd jaar later nog eens fors uitgebreid, besloeg het fort in zijn uiteindelijke vorm meer dan 10 hectare. Het fort was dan ook niet een vesting voor de heer van een gebied, maar een plek voor de stam als geheel. Waarschijnlijk was het niet permanent bewoond, maar werd het in gebruik genomen tijdens perioden van spanningen. Het grootste gedeelte van de tijd zal de stam in de valleien hebben gewoond, waar de vruchtbare grond zich bevond. Hoe deze stam heet, is niet overgeleverd, maar mogelijk was het de stam van de Ordovices. Uit Romeinse bronnen blijkt dat dit gebied in die tijd nog tot deze stam behoorde.

De muren van het fort zijn goed zichtbaar en lopen om het hele  plateau van de berg heen. Ook de eerste kleinere fase van het fort, is nog  te onderscheiden. Vooral de oorspronkelijke noordmuur is duidelijk te zien.

Uitzicht naar noordoost, het plateau van het heuvelfort, met links de vestingmuur uit de oudste fase. Dit plateau was ooit gevuld met hutten.

Al lopend door het interieur van het heuvelfort vallen al snel de restanten van de veelal ronde ijzertijd hutten op. Een aantal zijn zeer goed bewaard en herkenbaar.

De fundamenten van twee ijzertijdhutten.

Voor de geschiedenisfan is Carn Fadryn een uitstekende plek om de lokale geschiedenis bijna te voelen. Trouwens niet alleen oude geschiedenis. In de tweede Wereldoorlog is hier een Britse Wellington bommenwerper gecrasht, maar de wrakstukken daarvan zijn niet toegankelijk.

Puur voor het uitzicht!

Maar ook voor diegenen die daar minder belangstelling voor heeft, is de berg een mooi uitstapje, want de uitzichten over het schiereiland zijn fenomenaal. Bij helder weer kun je de bergen van Snowdonia, Bardsey eiland en zelfs de Wicklow mountains in Ierland zien liggen.  Zo helder was het op deze tocht niet, maar het gehele schiereiland lag wel aan onze voeten. De foto’s geven een goed beeld van het uitzicht rondom.

Geweldige uitzichten. Vanaf Carn Fadryn kun je bijna alle kenmerkende plekken van Llŷn zien.

Zicht naar het zuiden, richting Aberdaron.

Doorzichtje naar de drie toppen van Yr Eifl in het noordwesten, waar zich het wellicht mooiste heuvelfort van Wales zich bevind, Tre Ceiri.

En ook de liefhebbers van de natuur kunnen hier goed aan hun trekken komen, mits ze het kleine eren. De begroeiing die zich tussen de rotsen weet te handhaven is gevarieerd en kleurrijk – en eetbaar: de bosbessen die groeien op de hellingen van de berg zijn zeer geschikt als snack voor de jager/verzamelaar.

De variatie aan planten en kleuren in de begroeiing tussen de rotsen is een studie op zich waard.

Heerlijk, foerage! Rijpe bosbessen.

Eenmaal weer beneden.

Al met al was de beklimming van Carn Fadryn een groot succes te noemen en mocht iemand in dit gedeelte van Wales verzeild raken, dan kan ik deze tocht van harte aanbevelen. Voor wie de wandeling nog wat wil uitbreiden, op twee kilometer ten zuiden van Carn Fadryn bevindt zich het gehucht Llanistyn,  met een charmant middeleeuwse kerkje gewijd aan de Welshe heilige  St. Lestyn. Zeker ook een bezoek waard. Voor de inwendige mens heeft het schiereiland ook het nodige te bieden, met een aantal goede restaurants, pubs enz. Ik kan het havenplaatsje Aberdaron  aanbevelen, met diverse eetgelegenheden, waaronder mijn favoriet, “Y Gegin Fawr”, de grote keuken.

Eetcafe “Y Gegin Fawr” in Aberdaron.

Gevestigd in een pand daterend uit 1300 en gebouwd om de pelgrims naar Bardsey eiland een maaltijd te verschaffen  voor hun oversteek naar het eiland. Ook eten doe ik graag in een historische omgeving….

Voor meer kennis over de geschiedenis en monumenten  in Wales:

http://www.castlewales.com/  Een door een liefhebber opgerichte site met gegevens over bijna alle kastelen in Wales en een sectie over middeleeuwse kerken.

http://cadw.wales.gov.uk  De site van de Cadw, de (archeologische) monumentenzorg van Wales.

De Cadw geeft vele, prachtig geïllustreerde, gidsen uit van allerlei monumenten in Wales

En om verder te lezen:

Bailey, John, 2012. Discovering the Lleyn Peninsula and Angelsey. Derby .
Gerald of Wales, The Journey Through Wales and The Description of Wales. Translated by Lewis Thorpe. Penguin Books, London 1978
Kightly, Charles,  1988, A mirror of medieval Wales, Gerald of Wales and his Journey of 1188, Cadw. Cardiff.
Senior, Michael,2005. Hillforts of Northern Wales. Gwynedd .

Comments are closed.